Goed gedaan. We doen het te weinig, of op de verkeerde manier. Toch is het geven van een compliment een van de sterkste methoden om gedrag te veranderen.

Je presentatie is net achter de rug, en een collega loopt langs je bureau. „Goed gedaan!” De collega tegenover je steekt ook haar duim op. „Top!” Prettig? Natuurlijk, maar het kan zo veel beter. „Dat is een halfslachtig compliment. Zo van: ik durf niet echt, dus doe ik het maar zo”, vindt gedragswetenschapper Esther Popelier. Bedrijven huren haar in om de sfeer op een congres of de werkvloer te verbeteren, doordat ze daar wildvreemden complimenten komt geven.

Een goed compliment zorgt ervoor dat de ander echt wordt geraakt, dat hun hart even gevuld wordt en ze een glimlach krijgen.

Dat klinkt hoogdravend, toch wil Popelier benadrukken dat het geven van een compliment niet iets is wat je lichtzinnig moet opvatten. „Een compliment lijkt een luchtige uitspraak, maar vergt zelfkennis en lef.” Volgens haar leg je door het prijzen van de ander een emotionele verbinding die de relatie tussen twee mensen verstevigt. Daarmee geef je jezelf bloot.

Popelier:

Omdat dat eng is, doen we het maar zo snel en achteloos mogelijk. En lang niet zo vaak als we eigenlijk zouden willen, al helemaal niet op de werkvloer.

Een gemiste kans, vindt ze. „Iedereen zou op zijn werk vaker willen horen dat ze goed bezig zijn.”

Beter dan geld

Onderzoeksbureau McKinsey concludeerde al in 2011 dat complimenten, en de tijd en aandacht van managers, meer motiveren dan geldelijke beloningen.

McKinsey concludeerde dat bedrijven veel meer aandacht aan de meer ‘softe’ beloningen zouden moeten geven. In de VS – waar complimenten geven veel normaler is – is er een hele industrie om het positief managen gebouwd, met heuse recognition professionals. In Nederland heeft de Vrije Universiteit in Amsterdam instituut ADRIBA, dat zich speciaal richt op ‘gedragsverandering door positief gedrag’. Hier kunnen managers zelfs cursussen volgen in het geven van complimenten.

Marius Rietdijk is de wetenschappelijk directeur („Ze noemen me ook wel de complimentenprofessor”). Hij schreef een proefschrift over de invloed van beloning en straf op werkprestaties, en volgens hem is het compliment het beste middel om gedrag te veranderen. „Het werkt zelfs sterker dan een bonus: die krijg je immers aan het eind van het jaar pas. Terwijl een compliment geven direct kan wanneer goed gedrag wordt vertoond.”

Rietdijk voert het terug op het gedragsverklarende ABC-model: Antecedenten (factoren die aan gedrag vooraf gaan), Behaviour (gedrag zelf), en Consequenses. Om bepaald gedrag te stimuleren – zoals werknemers harder laten werken – is de consequenties aanpakken 80 procent meer effectief dan de antecedenten aanpakken. Dus het werkt beter om iemand achteraf, na het gedrag, te belonen of straffen, dan vooraf. En van die consequenties is zijn beloningen weer het meest effectief. Dus liever belonen met complimenten, dan kritiek geven.

Drie manieren waarop je iemand goed complimenteert (en drie manieren waarop dat niet moet)
+ Wel doen:
Niet terwijl je langsloopt. Niet terloops in een gesprek met anderen. Neem de ander apart. Ga even koffie halen. Maak er echt een moment van en richt al je aandacht op de ander. Vraag door hoe het komt dat die ander iets zo goed heeft gedaan. Benoem details, en haak in op de reactie.

+ Wel doen:
Zeg iets over de persoon, niet het resultaat. Dus liever niet: ‘Wat zag dat rapport er keurig uit’. Maar wel: ‘Wat ben jij toch een zorgvuldige schrijver’. Dat geldt ook als je complimenten geeft over iemands uiterlijk. Vertel liever dat diegene zo’n goede smaak heeft in het uitkiezen van kleding, dan dat de jas zo mooi is.

+ Wel doen:
Ieder mens heeft dingen waar hij trots op is. Als je iemand wilt complimenteren met een toespraak, luister dan goed. Was de toespraak bijzonder door de manier waarop de spreker contact legt? De zelfverzekerde manier waarop hij of zij staat? Gedragswetenschapper Esther Popelier: „Een goed compliment onthoud je beter. Ik hoor vaak dat ik goed voor groepen sta, maar dat is niet verrassend meer.” Als iemand zegt hoe dat komt, denk ik: já! Je hebt me echt door.”

– Niet doen:
Geef geen onoprechte complimenten „Als mensen het moeilijk vinden om een compliment te geven, is dat vaak omdat ze denken dat ze iets moeten zeggen wat ze niet menen”, zegt Hans Poortvliet. Dat voelt de ander ook vaak haarfijn aan. „Complimenten met een bijbedoeling, daar prikken we feilloos doorheen.”

– Niet doen:
Laat het compliment niet stiekem over jezelf gaan. Poortvliet: „De verkoper die tegen de stagiair zegt: ‘Onwijs goed gedaan, hij was als was in mijn handen’. Dan is-ie stiekem zichzelf aan het complimenteren.” Hetzelfde geldt voor iemand ophemelen door jezelf naar beneden te halen. „Houd het bij de ander.”

– Niet doen:
Vermijd het woord ‘leuk’. Dat was een leuke presentatie. Een leuke jas. Een leuke telefoonstem. Als iets niet meer leuk is, is dat het woord ‘leuk’. Zo vaak gebruikt, dat het een hol begrip is. Doe je best om een goed synoniem te vinden dat de situatie beter beschrijft.

Een shot dopamine

Het is de pavlovreactie: koppel een compliment aan bepaald gedrag en je gaat dat gedrag vaker vertonen in de hoop ook vaker complimenten te krijgen. Op het moment dat we een compliment ontvangen krijgen onze hersens een shot dopamine. Je beseft dat iemand je meer waard vindt dan je dacht. Je doet ertoe. Je wordt gezien.

Rietdijk: „Uiteindelijk komt het allemaal neer op de diepe menselijke behoefte aan aandacht en erbij horen.” Op het werk geprezen worden betekent dat je invloed hebt gehad op je omgeving. „Tegelijkertijd veroorzaakt het geven van complimenten ook een geluksgevoel. Omdat de complimentenmaker weet welk effect dat compliment heeft, wordt hijzelf automatisch ook gelukkiger.”

Goh, wat zou-ie ermee bedoelen?

In de VS weten ze wel raad met het geven van een compliment, Nederlanders blinken er niet in uit. „Complimenteren is ook niet zonder risico. Je schept er verwachtingen mee, je kunt er mensen mee voor het hoofd stoten, gezien worden als een slijmbal”, zegt Hans Poortvliet. Hij schreef samen met trainer in lichaamscommunicatie Frank van Marwijk Het groot complimentenboek. „Zeker in het calvinistische Nederland. Wij denken al heel snel: goh, wat zou-ie ermee bedoelen, wat wil hij hiermee bereiken? Terwijl niemand twijfelt aan kritiek: daarvan geloven we gelijk dat de ander het oprecht meent.”

Maar je moet er niets achter zoeken. Poortvliet:

De enige manier om een compliment te ontvangen, is een simpel dankjewel. Je zou er nog aan kunnen toevoegen: leuk dat je het opmerkt.

Dat mag als een dooddoener klinken, het is volgens hem wel de beste reactie. Geef geen compliment terug. Ga niet bagatelliseren. „Daarmee diskwalificeren we de waardering. Ontvang het gewoon en ga door met je werk. Net iets vrolijker dan twee minuten daarvoor.”

 

Bron: nrc.nl, 10 oktober 2015, door Charlotte van ’t Wout